Ook als je de anticonceptiepil slikt kom je als vrouw op een gegeven moment in de overgang. De pil voegt hormonen toe aan je lichaam om het voor de gek te houden, zodat er geen eitjes rijpen en je niet zwanger wordt. De overgang zorgt ervoor dat je eitjes niet meer rijpen. Wanneer dit gebeurt is voor elke vrouw verschillend en is genetisch bepaald. Door het gebruiken van de pil kan je de overgang niet tegenhouden, ook zal de overgang niet eerder komen door het gebruik van de pil. Wel kan het gebruik van de pil de klachten die normaal bij een vrouw in de overgang horen onderdrukken.

Wanneer je in de overgang zit is het niet raadzaam om direct met anticonceptie te stoppen. Pas na je 55e kan met iedere vorm van anticonceptie worden gestopt zonder dat je de kans loopt om zwanger te raken. Wel wordt aangeraden na je 50e niet langdurig de pil te blijven slikken wegens het toenemende risico op hart- en vaatziekten en borstkanker. Tot die tijd zijn er andere opties voor anticonceptie dan alleen de pil, opties met en zonder hormonen. Voorbeelden van anticonceptie zonder hormonen zijn bijvoorbeeld condooms, een pessarium, een koperspiraal of een methode met alleen progestageen zoals een minipil, hormoonspiraal of een implantatiestaafje.


Wanneer je besluit te stoppen met de pil kan je last krijgen van overgangsklachten. Door het stoppen met de pil merken vrouwen die de pil nog wel slikken vooral in hun stopweek de verandering in hun lichaam het meest. Overgangsklachten kunnen dus na het stoppen met de pil in alle heftigheid aanwezig zijn. Je reageert dan vanuit je eigen lichaam zonder de toevoeging van de pil, waardoor je reageert vanuit het lage hormoongehalte in je lichaam. Eenmaal gestopt met de pil kan je lichaam beginnen te wennen en zich aanpassen aan de veranderingen in je hormonen. Deze fase noemen we de postmenopauze.

You must be logged in to leave a reply.